Geschiedenis van Zadar - Historische en Culturele Informatie over Zadar
De stad Zadar komt voor in Romeinse bronnen en wordt daar Jadar genoemd. Constantine Porphyrogenitus noemde de stad Diadora. Vanaf 59 v.Chr. was Zadar een Romeins municipium. In 48 v.Chr. werd Zadar een kolonie van Romeinse burgers en de stad behield haar autonomie tijdens de Middeleeuwen. Na de val van het Westromeinse Rijk en de vernietiging van Salona in de vroege 7e eeuw, werd Zadar de hoofdstad van de Byzantijnse provincie Dalmatië. In de vroege 9e eeuw werd de stad voor korte tijd door de Franken bestuurd, die moesten de stad echter alweer in 812 teruggeven aan de Byzantijnen. In de 10e en 11e eeuw waren de Kroaten de dé facto heersers over de stad. In 1105 aanvaarden zij de soevereiniteit van de Hongaars-Kroatische koning Kolomon over de stad. In deze tijd was de stad vaak betrokken bij de oorlogen met Venetië. Bronnen vermelden dat, toen Paus Alexander III Zadar bezocht, de inwoners van de stad hem begroetten met gezangen “in hun Slavische taal”.
Na vele veldslagen werd Zadar uiteindelijk in 1202 veroverd door de Venetianen, die daarbij hulp kregen van de Kruisvaarders. In 1205 werd de stad definitief deel van de Venetiaanse Republiek. Vele opstanden volgden en uiteindelijk kwam de stad onder het bestuur van de Hongaars-Kroatische koning Luis I te staan. Na de dood van Luis erkenden de inwoners de soevereine rechten van koning Sigismund over de stad en later erkenden zij Ladislas van Napels als soeverein. De laatste verkocht in 1409 zijn rechten over de stad aan Venetië. Toen in de 16e eeuw de Ottomaanse Turken de gehele Balkan en ook het achterland van Zadar veroverden, werd de stad een belangrijk bastion tegen de oprukkende vijand. De stad werd van eminent belang voor de bescherming van de Venetiaanse zeehandel in de Adriatische Zee en ontwikkelde zich als belangrijk administratief en cultureel centrum.

De 15e en 16e waren belangrijk voor de ontwikkeling van de Kroatische culturele identiteit; vele Kroatische schrijvers begonnen in hun eigen taal te schrijven. Na de val Venetië kwam de stad onder Oostenrijks bestuur te staan. Dit bleef zo tot 1918, op een korte episode van Frans bestuur in de periode van 1805 tot 1813 na. Gedurende de gehele periode bleef Zadar de hoofdstad van Dalmatië. Tijdens de Franse periode, werd er in Zadar voor het eerst een krant in het Kroatisch uitgegeven. Deze krant heette “Kraljski Dalmatin” en verscheen tussen 1806 en 1810. Als gevolg van het Verdrag van Rapallo in 1920, werd de stad aan Italië afgestaan, maar na de Tweede Wereldoorlog werd de stad herenigd met het moederland Kroatië.